Een onderzoek van entomologen Max Ferlauto en Karin Burghardt van de University of Maryland, gepubliceerd in *Science of the Total Environment*, heeft de ecologische gevolgen van bladverwijdering in particuliere tuinen in kaart gebracht.

De studie toonde aan dat na het weghalen van de herfstbladeren de populaties van vlinders en motten met ongeveer 40 % tot 45 % afnamen, terwijl spinnen met 67 % en kevers met 24 % terugliepen; de afname betrof zowel larven die in bladeren overwinteren als volwassen insecten die zich in de bladlaag verschuilen.

Voor veel kleine dieren vormt de natte bladlaag een cruciale winterhabitat. Natuurmonumenten adviseert tuiniers om een hoop bladeren en takken onder struiken te laten liggen als beschutting voor egels, en het Museum De Bastei raadt een laag van minstens 0,5 meter aan om de dieren warm en droog te houden.

Het Duitse ministerie van Milieu heeft recentelijk geadviseerd het particuliere gebruik van bladblazers te ontmoedigen, met de opmerking dat “het gebruik van bladblazers dodelijk kan zijn voor insecten die tussen de bladeren leven”. Een algeheel verbod werd echter afgewezen vanwege Europese regelgeving.

Bodembioloog Ron de Goede van Wageningen University & Research waarschuwt dat bladblazers niet alleen insecten verstoren, maar ook bodemorganismen zoals regenwormen en pissebedden wegjagen, waardoor de voedselketen en bodemvochtbalans onder druk komen te staan. Een dikke bladlaag houdt de bodem vochtig, ondersteunt wormen en helpt bomen de strenge winter te doorstaan.

Praktische aanbevelingen uit het onderzoek en van natuurexperts zijn om bladeren in borders, onder heggen en in schaduwrijke hoekjes te laten liggen, terwijl ze van paden en opritten verwijderd kunnen worden om uitglijden te voorkomen.